Terugkomen gaat langzaam: VIB Lopen, Maarssenveen 28 februari 2016

 

Vorige week liepen Jan en ik nog in Hilversum bij Anna’s Hoeve voor een training op het parcours van de TVH Run-Bike-Run, die op zondag 20 maart aanstaande voor de 24e keer wordt gehouden. Een enerverende training en ik was vastberaden om dit de week erop (vandaag dus) te herhalen om zo het debacle van vorig jaar waarin ik volledig door het ijs zakte, voor te zijn. Maar Jan wilde perse de 10Km wedstrijd doen in Maarssenveen en ik had weinig puf om alleen naar Hilversum te gaan, dus gooide ik mijn plan om onder het motto: een tempotraining in de vorm van een wedstrijd is ook een training, en stond ik om 10:15 bij Jan voor de deur om naar Maarssenveen te fietsen.

Het is prachtig weer, zonnetje erbij, weinig wind, wel wat frisjes maar dat mag de pret niet drukken. Bovendien ligt het parcours in Maarssenveen grotendeels tussen de bomen en heb je van de wind dus weinig last. Een flinke opkomst dit keer, hetgeen ongetwijfeld met het weer te maken heeft. We komen Marleen tegen die haast op de 05:40 en feliciteren haar met de tweeling-op-komst. De afgelopen keren was ik haas geweest op de 15 km en nu twijfelde ik of ik plaats zou nemen in de haasgroep van 5:00/km of vanuit het wedstrijd vak zou starten. Ik kamp al een tijdje met een vervelende verkoudheid die maar niet weg wil gaan en ik twijfel over mijn kunnen. Na drie keer heen en weer lopen blijf ik uiteindelijk “hangen” in de haasgroep en ik betrap mezelf op mijn gebrek aan concentratie. Mijn tactiek is: meegaan met de 5:00/km en dan proberen om ervan los te komen. Ik moet binnen 50:00 finishen! Tijdens het inlopen heeft Jan al bepaald dat zijn benen sterk genoeg zijn om niet te doen wat ik doe, en daarbij, “loskomen” van 5:00 k/m heeft bij Jan een heel andere betekenis…

En we zijn weg!! De eerste kilometers gaan redelijk makkelijk, hoewel ik nog steeds moeite heb mij te concentreren. Dit wordt overigens verergerd door een zwaarlijvige 30-er die naast mij loopt met een ademhaling die mij doet denken aan een Hfmax test! Ik ben van plan om venijnig te melden dat hij gerust kan doorgaan omdat ik gelukkig kan omgaan met een AED, maar ik hou mij in. Er spookt van alles door mijn hoofd en dat maakt het lopen niet makkelijker. Op kilometer 4 zie ik Gerard Verstege lopen die 10 minuten eerder was gestart met de Halve Marathon. Ik loop weg van de groep, geef hem een schouderklop en loop door. Vanaf dat moment blijf ik voor de Haasgroep uit lopen en ik merk dat langzaamaan de afstand tot mijn achtervolgers steeds groter wordt. In het tweede rondje gaan de kilometers steeds rond de 4:45, 4:50 en ondanks mijn gevoel dat het langzamer gaat blijkt de snelheid goed. Met 49:07 loop ik door de finish en weer kom ik erachter dat knopjes indrukken met handschoenen aan best lastig is. Mijn klok stopt uiteindelijk op 49:10.

Ik ben tevreden. Vorig jaar nog liep ik rond deze tijd een volle minuut langzamer. Ik ga uitlopen en zoek Jan op. “En, hoe ging het?” Hij: “45:00; het ging wel!” “En jij?” Ik: “49 en een beetje; het ging wel!” We lopen nog een kilometertje uit en genieten van het zonnetje dat nog steeds driftig probeert om boven de kille noordooster wind uit te komen. Tijdens het omkleden zeg ik dat het bij mij eigenlijk steeds beter gaat, maar langzaam, gezien de leeftijd. Jan constateert voor zichzelf het omgekeerde en stelt bij wijze van grap: “straks moet ik mij nog zorgen gaan maken”. Ik stel hem gerust: “vergeet niet Jan: Ik ben vooral bezig met langzaam terugkomen, jij bent nooit weggeweest. Maar wees gerust: er zit een maximum aan!” We klimmen op de fiets en rijden terug richting Breukelen. Wat is dat uitfietsen na zo’n wedstrijd toch heerlijk!!

Paul Meeuwisse